Van Lewis Richards via Berthe Smedt naar Antoine Springael

Een inkijkje in mijn onderzoeksdag van donderdag 13 maart 2019.
Ik ben op zoek naar de connecties in Brussel van Lewis L. Richards, medewerker van de Commission for Relief in Belgium (CRB).
Lewis Richards, medewerker CRB van 1915-1919. Foto: MSU Archives website

Richards kwam uit Michigan, VS,  lees ik op de website van de Michigan State University Archives, hij was musicus, pianist, een Amerikaan die studeerde aan het conservatorium in Brussel. Hij studeerde cum laude af en vond er ook de liefde van zijn leven.

In Brussel ontmoette hij Berthe Smedt, dochter van Emilie Schamps en Charles Smedt, de restauranthouder van Grand Restaurant de la Monnaie in Rue Léopold 7-13, net achter de Munt.
Berthe Smedt en Lewis Richards op hun huwelijksdag. Foto: MSU Archives website
In 1908 zijn Lewis (Lewis Loomis Richards, geboren in Sint Johns, Clinton County, Michigan, op 11 april 1881, overleden in Michigan in 1940) en Berthe (Berthée Emilie Smedt, geboren in Brussel op  19 juni 1884 ) in Brussel getrouwd.
Trouwens, mijn grootouders Van Kempen zijn ook getrouwd in 1908. Een grappige overeenkomst die de geschiedenis voor mij levend maakt.
De bruidsfoto van Berthe toont een ‘wolk’ van een huwelijksjapon. Stel dat die bewaard is gebleven, wat een weelde spreekt er uit de foto!
De moeder van Berthe, Emilie Marie Jeanne Schamps, was geboren in Brussel op 25 september 1856. Charles Smedt (geboren in Brussel, 24 december 1852, overleden op 30 januari 1911, van beroep slager, daarna restauranthouder) runde vanuit Grand Restaurant de la Monnaie tijdens de Wereldtentoonstelling van 1910 in Brussel ook daar een restaurant, een ‘succursale’ onder de naam ‘Chien Vert’.
Het fenomeen Wereldtentoonstelling 1910 verbaast me door de schaal en is enige verdieping waard. Het tentoonstellingsterrein was 88 hectare groot, 26 landen hadden er een paviljoen en het trok 13 miljoen bezoekers. Geen wonder dat Restaurant du Chien Vert gevestigd is in een monumentaal pand. Toch heeft dat maar voor zes maanden dienst gedaan.
Ik stel me zo voor dat Lewis Richards in het restaurant van zijn schoonvader zal zijn opgetreden in sfeervolle concerten.
Het Paviljoen van restaurant ‘Chien-Vert’ (‘Groene Hond) tijdens de Wereldtentoonstelling 1910 in Brussel
Foto’s van de Wereldtentoonstelling zijn op ansichtkaarten gezet en waren verzamelobject. Via de website ‘La Belgique des Quatre Vents’  krijg ik een goede sfeerimpressie van de ‘Exposition Universelle de 1910 a Bruxelles et Tervueren’.
Affiche voor de ‘Optocht der Seizoenen’, ontwerp van Antoine Springael, 1910

Bij deze affiche  blijft mijn blik hangen. Die dame in het midden herken ik…

Zij staat op een Meelzak!
Ik duik in mijn foto-archief en vind de beschilderde Meelzak van Antoine Springael in de ‘Moulckers Collection’.
Beschilderde Meelzak, Antoine Springael, 1915
Wat een vondst. Antoine Springael tekende het affiche voor de ‘Cortège des Saisons’ in juli 1910 en later, in 1915, zette hij deze Godin van de Zomer op de Meelzak van de American Commission!
Wel grappig om de warme kleuren van de uitnodigende affiche af te zetten tegen de wat rommelige  zwart-wit foto op de ansichtkaart van het daadwerkelijke Cortège des Saisons.
‘Optocht der Seizoenen’ tijdens de Wereldtentoonstelling 1910 in Brussel
Nu verder met Berthe Smedt en Lewis Richards.
Lewis speelde in zijn werk voor de CRB (officieel vanaf januari 1915) in Brussel een rol bij de verkoop van Versierde Meelzakken aan Amerikanen die hulpgoederen kwamen brengen.
Fragment uit het Report van de Miller’s Belgian Relief Movement door M. Edgar, 1915

Mr Edgar van ‘The Miller’s Belgian Relief Movement’ heeft in maart 1915, deze maand 104 jaar geleden, een bestelling gedaan van geborduurde Meelzakken. Ik schreef er over in mijn blog ‘Een Bekende Vlaamse Meelzak in het Land van Nevele’.

Bedankbrief namens de Britse vorstin, 1917

In 1917 werkte hij voor CRB in London en verkocht twee Belgische kanten kussens aan de Britse Koningin.

 

Kortom, Lewis Richards was een man van standing, leefde in 1914-1915 in Brussel, kende de gegoede kringen in Brussel van binnenuit, sprak de taal van zowel Belgen als Amerikanen. Hij heeft geweten hoe het zat, de ontstaansgeschiedenis van de Versierde Meelzakken…

Informatie over het werk van Richards voor de CRB vind ik in diverse bronnen:
1) Hugh Gibson, secretaris van de Amerikaanse ambassade in Brussel schrijft in ‘A Journal from our Legation in Belgium‘, 1917 (blz. 342-344):
“Christmas 1914.- Immediately after lunch we climbed into the big car and went out to Lewis Richards’ Christmas tree. He has a big house at the edge of town, with grounds which were fairy-like in the heavy white frost. He had undertaken to look after 600 children, and he did it to the Queen’s taste. They were brought in by mothers in bunches of one hundred, and marched around the house, collecting things as they went. In one room each youngster was given a complete outfit of warm clothes. In another, some sort of toy which he was allowed to choose. In another, a big bag of cakes and candies, and, finally, they were herded into the big dining-room, where they were filled with all sorts of Xmas food. There was a big tree in the hall, so that the children in their triumphal progress, merely walked around the tree. Stevens had painted all the figures and the background of an exquisite creche, with an electric light behind it, to make the stars shine. The children were speechless with happiness, and many of the mothers were crying as they came by.
Since the question of food for children became acute here, Richards has been supplying rations to the babies in this neighbourhood. The number has been steadily increasing, and for some time he has been feeding over two hundred youngsters a day. He has been very quiet about it, and hardly anyone has known what he was doing.
It is cheering to see a man who does so much to comfort others; not so much because he weighs the responsability of his position and fortune, but because he has great-hearted sympathy and instinctively reaches out to help those in distress. Otherwise the day was pretty black, but it did warm the cockles of my heart to find this simple American putting some real meaning into Christmas for these hundreds of wretched people. He also gave a deeper meaning for the rest of us.”
2) Tracy B. Kittredge beschrijft  Lewis Richards als een van de meest waardevolle medewerkers van de CRB.  Citaat van blz 283 uit ‘The History of The Commission for Relief in Belgium 1914-1917‘:
“…in January 1916… was succeeded as general secretary by Mr. Lewis Richards, who had organised the Commission’s work in Greater Brussels. It was Mr. Richards who had devised and put into operation the card catalogue of the population of Brussels which had made possible the checking of the bread distribution and the combing out of some 150,000 extra rations of flour which had been distributed to bakers who had fraudulently padded their lists. Mr. Richards, after performing this service in Greater Brussels, had gone to Northern France in April 1915 as chief representative for the most important French district, that of the north, with headquarters at Valenciennes. After a few months there he went to Holland, where he helped in the Rotterdam office until Hoover asked him to return to Brussels to become general secretary. He remained at this post until July 1916, when he went out to Rotterdam again, this time to become assistant director of the Commission’s office there. Almost a year later he was called to London as assistant director of the central office of the Commission, in which capacity he is still serving. Mr. Richards, because of his experience and personal qualities, proved throughout his whole service to be one of the most valuable of the Commission’s representatives.”
3) In juli 1919 verschijnt er een lovend artikel over het CRB-werk van Richards in The San Francisco Call and Post.
Voorzover er een persoonlijk archief van Lewis Richards is,  is die te vinden in de archieven van Michigan State University in East Lansing, VS.
Lang geleden, in 1981, was ik daar op vakantie om studievrienden te bezoeken die ik had leren kennen bij het vak ‘Amerikaans Recht’ tijdens mijn rechtenstudie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Weinig kon ik toen bevroeden dat ik later zou wensen in East Lansing te zijn in mijn zoektocht naar Versierde Meelzakken.
Daarom begin ik vandaag een nieuwe onderzoeksdag, dichterbij, op zoek naar de geschiedenis van de familie Smedt, dochter Berthe en schoonzoon Lewis Richards in Brussel!